Verhaal versus feiten. Over Storytelling

Je kent de autoreclames wel. Mooie beelden van even mooie auto’s, rijdend door adembenemende landschappen.
Ondertussen prijst een voice-over de hoeveelheid PK’s, de cruisecontrole en de electrisch bedienbare asbak.
Toch is er duidelijk een kentering zichtbaar op het gebied van autoreclames. Automerken zetten steeds vaker in op het vertellen van een verhaal, in plaats van het opsommen van feiten.

Emotie

Verstandig, want anders dan feiten worden verhalen doorverteld en (online) gedeeld.
Het filmpje van Mercedes-Benz vind ik een prachtig voorbeeld. De makers richten zich op de emotie en niet op feiten en cijfers.  Dat doen ze niet alleen omdat dat een mooi filmpje oplevert, het is ook wetenschappelijk aangetoond dat consumenten op basis van emotie overgaan tot aanschaf van producten. De auto komt niet eens in het filmpje voor, maar toch ben ik al bij de dealer wezen kijken.

 

Floris en Sindala

Samenwerking

Als hij Floris was, was ik Sindala. Als hij Willem van Hanegem was, was ik Lex Schoenmaker. En soms was het andersom. Mijn broer. We speelden samen en vulden elkaar aan. En dat doen we nog steeds.

 

Video en fotografie

Alleen het spelen is ingeruild voor werken. Tjapko ‘is’ video en ik ‘ben’ fotografie.
Gaat dat samen dan? Ja! Dat gaat heel goed samen.
Als een bedrijf of organisatie bijvoorbeeld een verslag wil van een bijeenkomst kunnen we daar een video van maken voor op de website van dat bedrijf en voor andere geïnteresseerden.
Het kan ook zijn dat het bedrijf liever foto’s heeft op de website of voor gedrukte kranten en tijdschriften. Vaak willen bedrijven het allebei. Video én fotografie.
Voor die bedrijven maken wij het leven een stuk gemakkelijker: bel een van ons en alles komt goed. U heeft één contactpersoon, krijgt één offerte en ontvangt één factuur.

Heineken

Is dat een nieuwe dienst die we leveren? Nee, eigenlijk niet. We doen dit al een aantal jaren en voor gerenommeerde opdrachtgevers als de Rabobank, Avans Hogeschool en Heineken.
In opdracht van Heineken reisden we tijdens het WK Voetbal door Zuid-Afrika om verslag te doen van het leven op De Oranjecamping. Tjapko maakte video’s en ik fotografeerde en schreef de artikelen die aan diverse media werden geleverd.

Gebroeders Grimm

Maar we maken meer dan mooie beelden. Het gaat ons om de inhoud, we vertellen verhalen en misschien maakt ons dat uniek. Verhalen vertellende broers.
Hoewel, uniek? We zijn natuurlijk niet de eerste broers die dat doen. Zo waren er een paar honderd jaar geleden de gebroeders Grimm die verhalen vertelden die we allemaal nog kennen: Roodkapje, Sneeuwwitje, Vrouw Holle.

Waargebeurde verhalen

Misschien spelen we nog steeds wel samen. Verhalenvertellertje. Tjapko was Jacob en ik was Wilhelm. Maar dan toch een beetje anders. Wij vertellen geen sprookjes, maar waargebeurde verhalen over échte mensen en échte bedrijven.
Verhalen die doorverteld worden en gedeeld op internet. Stel je dat als ondernemer eens voor: jouw verhaal dat eindeloos gedeeld wordt. Reclame in de puurste vorm.
Dan leef je nog lang en gelukkig.

Waarom is stockbeeld niet altijd de beste keuze?

Uitsmijter

Veel bedrijven en instellingen gebruiken foto’s en video’s van stockbureaus om hun boodschap kracht bij te zetten of gewoon op te fleuren. Maar is dat altijd verstandig?

Iedereen die een tijdschrift maakt, een jaarverslag in elkaar draait of een website moet vullen, weet dat beeld daarin heel belangrijk is. Goed beeld nodigt uit om een artikel te lezen of naar een in een video verpakte boodschap te luisteren. Maar foto’s of video’s laten maken vinden veel mensen te duur of er is gewoon geen budget voor.
Daarom maken redacteuren vaak gebruik van stockbureaus: voor een fractie van het bedrag dat een fotograaf rekent, kun je foto’s onbeperkt publiceren. Hetzelfde geldt voor video’s. Heel handig.

Gebakken ei

Zelfs als fotograaf maak ik er wel eens gebruik van. Voor een eigen publicatie, had ik een keer een foto nodig van een gebakken ei.  Die foto had ik natuurlijk zelf kunnen maken. Hoewel ik geen keukenprins ben zou een ei bakken wel lukken. Vervolgens drapeer je die uitsmijter op een bedje van het een of ander (ik kijk wel eens kookprogramma’s) of je laat hem gewoon in de pan liggen, zet er een paar flitsers omheen en fotograferen maar.
Maar ik schatte in dat ik daar zeker een uur mee bezig zou zijn. Daarnaast: hoe lang blijft een uitsmijter mooi? Hoeveel eieren zou ik moeten bakken voordat ik de perfecte foto zou hebben? Best nog een klus. Toen ik bij een stockbureau opzoek ging naar een foto van een uitsmijter, bleek dat ik die al voor een paar euro kon downloaden en publiceren.

Nep

Iets anders is het wanneer je als bedrijf, instelling, politieke partij of tijdschrift, foto’s van mensen publiceert.
Veel stockfoto’s komen van Amerikaanse stockbureaus en de mensen die daar op staan zien er vaak anders uit dan de gemiddelde Europeaan. Het zijn natuurlijk modellen, dus misschien wel een beetje te mooi en de gemiddelde Amerikaanse stockfotograaf maakt graag gebruik van een softfilter zodat een en ander er ‘gelikt’ uitziet. Maar wil je dat? Is ‘gelikt’ niet hetzelfde als ‘nep’? En wat zegt het over je bedrijf als je geen ‘echte’ mensen op je website zet, maar modellen? Wil je met die mensen op de foto geassocieerd worden? Past het beeld bij je bedrijf of instelling?

Pijnlijk

Een ander nadeel van stockbeeld is dat het niet exclusief voor jou gemaakt wordt. Iedereen kan het hetzelfde beeld downloaden en publiceren. Ook modellen werken niet exclusief voor jou of voor hetzelfde product en poseren niet altijd in dienst van dezelfde ideologie. Dat levert soms pijnlijke situaties op.
Voor hun campagne gebruikte de Christenunie eens een foto van een keurig gezin. Man, vrouw, twee kinderen.
Het waren natuurlijk modellen en de foto was van een stockbureau afkomstig. Bij hetzelfde stockbureau was ook een foto te koop waarop je dezelfde man ziet als bruidegom. Niets mis mee, zou je zeggen. Maar de partner was óók bruidegom. Voor de meeste mensen is daar ook niets mis mee, maar de Christenunie is geen groot voorstander van het homohuwelijk en de foto in de campagne is dan ook geschrapt.

Voorkomen

Vandaag stond in De Volkskrant een vergelijkbaar verhaal. Een filmpje van een ‘typisch Duitse familie’ werd zowel voor de campagne van de liberale FDP als voor de campagne van de extreem-rechtse NDP gebruikt.
Daar waren beide partijen al niet blij mee. Maar het feit dat het een Sloveense familie betrof was voor de Xenofobe NDP misschien nog wel erger.
Dit alles had voorkomen kunnen worden.  Ja het filmpje was van prima kwaliteit en met € 170 lekker goedkoop. Maar is het niet verstandiger om wat meer geld uit te geven voor een video op maat? Net zoals je beter eigen foto’s kunt laten maken van je bedrijf en je medewerkers. Die zijn echt en daar gaat het om: echtheid en betrouwbaarheid.

Hoe lang moet een bedrijfsvideo zijn?

 

Deze vraag krijg ik vaak te horen. En als ik de marketingdeskundigen moet geloven: zo kort mogelijk, want de aandachtsspanne van de online kijker is kort.
Ik geloof die deskundigen niet. Ik zie soms video’s van één minuut die ik na dertig seconden al wegklik, om vervolgens tien minuten naar een productie te kijken zonder me ook maar een seconde te vervelen.
Nu kan dat gewoon mijn smaak zijn en slechts mijn mening, maar ik stuitte op een onderzoek, op de blog REELSEO, dat mijn mening ondersteunt.

Op de blog staat een interview met David Waterhouse van Unruly Media, een Video Marketingbedrijf uit New York. Waterhouse heeft onderzocht in hoeverre de lengte van een video van invloed is op het kijkgedrag en op het aantal keren dat de video gedeeld is via de sociale media en blogs.

Cijfers
De cijfers zijn opmerkelijk. De gemiddelde videolengte voor de top 50 meest gedeelde video’s:

Top 10 –  4 minuten, 11 seconden
11-20   –  2 minuten, 30 seconden
21-30   –  3 minuten, 5 seconden
31-40   –  2 minuten, 57 seconden
Top 50 – 2 minuten, 54 sconden

Uit deze cijfers blijkt dat hoe langer de video is, hoe vaker deze gedeeld en bekeken wordt.
Waterhouse heeft daar wel een verklaring voor:
“Recent onderzoek heeft aangetoond dat hoe meer emotie een video losmaakt, hoe groter de kans dat deze wordt gedeeld. En in dertig seconden kun je niet veel emotie losmaken. Het is net genoeg om een product onder de aandacht te brengen, maar niet om iemand te beroeren.
Maar het geeft ook aan dat mensen anders tegen reclame aankijken. In plaats van gestoord worden door een merk, willen ze vermaakt worden.”

Fimo-kleien
Dit alles wil natuurlijk niet zeggen dat je nu maar zo lang mogelijke video’s moet gaan maken en publiceren, omdat die het vaakst bekeken en gedeeld worden. Maar laat je niet gek maken door weer een deskundige die roept dat een webvideo per definitie niet langer mag zijn dan een minuut.
Of een video wel of niet goed bekeken en gedeeld wordt heeft niet alleen met de lengte te maken, ook met de kwaliteit. En natuurlijk met de doelgroep. Wie wil je bereiken?
Je kunt nog zo’n mooie video maken over Fimo-kleien, maar als je die enthousiaste, maar kleine groep kleiers niet bereikt die graag een avondvullende film over hun hobby bekijken, is al het werk voor niets geweest.

Verhaal
Met Narratus Multimedia maak ik o.a. webdocumentaires, bedrijfsvideo’s en fotopitches, die in lengte variëren van één minuut tot vijf minuten. En als de situatie daar om vraagt, kan dat ook korter of langer zijn. Er bestaan geen wetten voor. De video duurt zo lang als nodig is om de doelgroep te bereiken en om het verhaal te vertellen, want dat is het belangrijkste: zonder verhaal is een video van dertig seconden al te lang.

Een voorbeeld van een video die vaak wordt gekeken en meestal uitgekeken, is de bedrijfsvideo van Loonbedrijf Kleyweg B.V.:

 

 

Meer weten? Neem gerust contact op.

Werken aan je bedrijf

Toen ik in 1992 mijn bedrijf begon, zag de wereld van een (journalistiek) fotograaf er heel anders uit. Eenvoudiger vooral. Een businessplan had ik niet. Was ook niet nodig, want het idee was simpel: ik maak foto’s, ontwikkel de film, druk de foto’s af, breng ze naar de opdrachtgever en stuur een rekening.

Inmiddels is er veel veranderd. Zwart-wit werd kleur, analoog werd digitaal en de doka werd ingewisseld voor een computer.
Die ontwikkelingen hebben ertoe geleid dat de professionele fotografie niet alleen meer voorbehouden is aan vakmensen. Vandaag de dag kan iedereen zich vestigen als fotograaf. Investeren is amper nodig, want met een digitale camera en een computer, ben je al een heel eind.
Mede daarom wordt de markt overspoeld door fotografen en staan tarieven onder druk. Daar is natuurlijk niets mis mee, we leven in een vrij land. Maar het betekent wel dat fotografen zich meer en meer bewust moeten worden van het feit dat ze óók ondernemer zijn. Met alleen creativiteit red je het niet meer.
Zelf ben ik daar ook mee aan de slag gegaan. Door opleidingen te volgen op het gebied van journalistiek en multimedia, kan ik méér bieden dan alleen foto’s. Ik lever nu complete producties van tekst en fotografie én ik ben vorig jaar een nieuw bedrijf begonnen dat zich richt op het maken van multimedia-producties: Narratus Multimedia.

Alleen
Maar één ding is nog hetzelfde: mijn eenmanszaak. Ik werk alleen. Dat heeft zijn voordelen: Je hoeft aan niemand verantwoording af te leggen en dat biedt veel vrijheid. Maar er is ook een groot nadeel: je staat er alleen voor. Nieuwe plannen maak je alleen, beslissingen neem je alleen. Bij mij slaat de twijfel dan wel eens toe. Is het wel zo’n goed plan? Is het wel de juiste beslissing?
Omdat ik het prettig vind om van gedachten te wisselen met andere ondernemers, ben ik lid geworden van een netwerkclub voor ondernemers: BNI.

Openbaring
Bij BNI ontmoette ik ook Michiel van de Weijer, partner bij Claassen, Moolenbeek & Partners. Michiel helpt ondernemers werken áán hun bedrijf in plaats van ín hun bedrijf.
Toevallig had ik op dat moment grote plannen. Ik was bezig met een nieuw grootschalig project en had dringend behoefte aan een klankbord, iemand die structuur kon brengen in een overvloed aan ideeën.
Ik besloot Michiel in te huren en heb daar geen moment spijt van gehad. Wat een openbaring. Michiel is iemand die kritisch, maar met een frisse blik naar je plannen kijkt, daar structuur in aanbrengt én zelf met goede ideeën komt. In een paar uur heb ik heel veel van hem geleerd.
Inmiddels ben ik, op advies van Michiel, begonnen aan het schrijven van een businessplan. En in de nabije toekomst zal ik Michiel zeker weer inhuren voor advies.

Workshop
Ik wilde deze informatie delen omdat ik denk dat veel ondernemers, beginnend of ervaren, de deskundige hulp kunnen gebruiken van Michiel.
Binnenkort start hij met een driedaagse workshop ‘Businessplanning’.
Tijdens die workshop leer je alles over het schrijven van een goed businessplan. Onder begeleiding van Michiel werk je aan het plan en er is veel gelegenheid om met elkaar én met Michiel  te klankborden.
Tenslotte leer je hoe je het plan en je bedrijf kunt presenteren bij bijvoorbeeld een samenwerkingspartner, een prospect, een bank of een investeerder.

Deelnemen
Voor BNI-leden uit de regio’s Den Haag en Rotterdam biedt CM&P Den Haag deze workshop aan tegen een aantrekkelijk tarief.
De workshop kost nu slechts € 375 (excl. BTW) per deelnemer. Dat is inclusief materialen, zaalhuur, koffie, frisdrank, lunch en afsluitende borrel.
Alle dagen beginnen om 9.00u en eindigen om 16.00u. De locatie is het trainingscentrum van BNI Den Haag-Rotterdam aan de Schieweg 93, 2627 AT, Delft.
De workshop is verdeeld over drie maandagen: 10 december 2012, 7 januari 2013 en 21 januari 2013.

Er is slechts plek voor maximaal twaalf deelnemers, dus schrijf je snel in. Betaling dient vooraf plaats te vinden om deel te kunnen nemen. BNI-leden kunnen zich hier inschrijven: admin@bni-denhaag.nl of admin@bni-rotterdam.nl

Wanneer je geen lid bent van BNI, maar wel vooruit wilt met je bedrijf, raad ik je aan om toch contact op te nemen met Michiel van de Weijer. Mij heeft hij een heel eind op weg geholpen.

Claassen, Moolenbeek & Partners, Bedrijfskundig en banquair advies
Drs. M. (Michiel) van de Weijer
T:  070 363 03 04
M: 06 208 08 273
W: www.cmenp.nl
E: michiel.vandeweijer@cmenp.nl

Waarom Corporate Storytelling?

De meeste bedrijven maken reclame. Via radio, televisie en advertenties in kranten en bladen laten ze weten hoe goed ze zijn, hoeveel service ze bieden en natuurlijk dat ‘de klant centraal staat ’
.
Maar wat nu als de concurrent hetzelfde roept? En daar nog gelijk in heeft ook? Hoe kun je er dan voor zorgen dat die klant naar jou toe komt en niet naar de concurrent gaat?
Dat kun je doen door je als bedrijf te onderscheiden. Door te laten zien wie je bent en waar je voor staat.

Bij de Amerikaanse koffieketen Starbucks heeft men dat al heel lang door. Hoewel de koffie -naar mijn bescheiden mening- niet de lekkerste is in de wereld, is het merk wel het populairst. 
Starbucks heeft dat bereikt door te laten zien waar het voor staat.

Zo kun je op hun website alles lezen over het ontstaan in 1971, hun maatschappelijke betrokkenheid en over hun missie.
Mensen die dat lezen zullen het gevoel krijgen dat ze daar bij willen horen. Ze komen niet zomaar voor een kop koffie, maar voor het verhaal dat achter het bedrijf zit.

Naast de geschreven tekst op de website, kun je ook korte filmpjes zien. Verhaaltjes over het dagelijks leven met mensen in de hoofdrol en koffie als bijrol. De naam Starbucks komt er amper in voor.
Een voorbeeld is het filmpje over Dan Dewey. Een man die iedere week koffie haalt bij Starbucks om die vervolgens uit te delen het ‘Michigan Cancer Institute‘.

Het filmpje was nooit op televisie, maar is al miljoenen keren bekeken via de website van Starbucks en via videokanalen als YouTube en verspreid via Social-mediakanalen als Facebook en Twitter. Zonder dat Starbucks daar ooit voor hoefde te betalen. Een goed verhaal wordt altijd doorverteld.

De Chain Gang

[vid video=”13122060″]

 

Voor huiselijk geweld en rijden onder invloed werd de 23-jarige Paul Harwood uit Phoenix, veroordeeld tot zes maanden cel en werkte aan de chain gang.

Oberon New Age

[vid video=”38223894″]

 

Haar vader was paranormaal begaafd, dus wist Linda Dijkstra als kind al dat er meer was tussen hemel en aarde. Op jonge leeftijd ontdekte ze dat ze zelf ook die gaves bezit. Nu is ze ondernemer en alternatief genezer.

De fotohandel

[vid video=”32803402″]

Na ruim dertien jaar is Anke Groen (60) genoodzaakt haar fotowinkel in Eerbeek (GLD) te sluiten. Door de opkomst van de digitale fotografie was het niet meer rendabel om de zaak open te houden.